"Volgens de Advocaat-Generaal van de Hoge Raad is er sprake van een groeiende overtuiging dat franchisenemers tot op zekere hoogte meer bescherming genieten."

Stand van zaken wettelijke verankering Nederlandse Franchisecode

Op 8 februari 2014 werd op het Ministerie van Economische Zaken het startschot gegeven voor het door de minister beoogde traject van zelfregulering. De opdracht om deze code te schrijven werd gelegd bij een schrijfgroep van twee franchisenemers en twee franchisegevers (beiden ondersteund door twee eigen denktanks). Dit traject zou in de zomer van 2015 worden afgerond.

Na de presentatie van het eerste concept op 16 juni 2015 kwam er echter veel kritiek op de Nederlandse Franchisecode. Die kritiek kwam vooral uit de hoek van sommige (grote) franchisegevers. Mede daarom is er langer dooronderhandeld dan gepland en is de definitieve code pas op 17 februari 2016 aan de minister aangeboden.

Het Financieele Dagblad schreef op 17 februari 2016 over deze ontwikkelingen:

“De franchisecode, die moet leiden tot minder scheve machtsverhoudingen tussen franchisegevers en -nemers, is intussen verschillende malen uitgesteld. (…) 

Volgens partijen die betrokken zijn bij de totstandkoming van de code heeft met name franchisegever Ahold langdurig dwarsgelegen.(…)

Veel ondernemers vermoeden dat franchisegevers geen enkele behoefte hebben om de macht die ze hebben opgebouwd weer in te leveren. Zij reageerden op eerdere concepten van de code dan ook met uitvoerige kritiek.’"

De minister kondigde daarom tot verrassing van vriend en vijand aan dat hij de wettelijke verankering zou onderzoeken. Op 12 oktober 2016 schreef het Financieele Dagblad:

"De omgangsregels tussen franchisenemers en franchisers worden wettelijk verankerd. Daartoe heeft Minister van Economische Zaken Henk Kamp besloten. Hij verwacht nog voor zijn aftreden in de loop van volgend jaar het wetsvoorstel in te kunnen dienen, zo maakte de bewindsman woensdag tijdens een debat bekend. De vrijwillige Franchise Code werd op verzoek van de minister door de sector zelf opgesteld en in februari geïntroduceerd.’"

Volgens de laatste berichten wordt er op dit moment vanuit de regering een korte raamwet voorbereid, waarin de minister de bevoegdheid krijgt om nadere regels aan de branche op te leggen. Daarmee zou de minister de Nederlandse Franchisecode eventueel zelf afdwingbaar kunnen maken. Ook mr. W.L. Valk (Advocaat-Generaal van de Hoge Raad) is de Europese en nationale discussie niet ontgaan. Hij stelt vast dat er sprake is van een groeiende overtuiging dat franchisenemers tot op zekere hoogte meer bescherming genieten. Verwezen wordt naar zijn conclusie bij de uitspraak van 24 februari 2017. Hij schrijft daar:

"2.1.

Franchising heeft in de afgelopen decennia een grote vlucht genomen. In internationaal en nationaal verband is groeiende de overtuiging dat franchisenemers tot op zekere hoogte bescherming verdienen in verband met onder meer de kennisasymmetrie en het verschil in maatschappelijke positie tussen doorsnee franchisegevers en doorsnee franchisenemers. Dit ziet mede op door de franchisegever aan de franchisenemer vooraf verstrekte prognoses omtrent de te verwachten omzet en/of winst.

2.2.

Zeer recent heeft een en ander een bijzondere nadruk gekregen met de introductie van de Nederlandse Franchise Code (NFC) die sinds begin 2016 bestaat en zelfregulerende gedragsregels ten aanzien van franchising bevat. Inmiddels lijkt nationale wetgeving in de geest van die code min of meer aannemelijk."

We volgen dit proces op de voet en houden u daarvan op de hoogte. Meer weten? Neemt u gerust contact op met ons Team Franchise.

< Naar overzicht