"Anders dan de kantonrechter is het gerechtshof van oordeel dat roken in strijd met het algemeen rookverbod tot ontslag op staande voet kan leiden"

Het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden heeft het ontslag op staande voet van een bakker die rookte in een ruimte waarin brood werd bereid in stand gelaten. Wat speelde er in deze zaak?

De werknemer was sinds 7 november 1994 in dienst van Bakker Schat, een industriële bakkerij. In het huishoudelijk reglement van de werkgever staat onder meer dat roken verboden is op het terrein en in het gebouw, met uitzondering van de daarvoor aangewezen rookruimte. Tijdens een werkoverleg op 16 januari 2016 heeft de werkgever een nieuw rookbeleid gepresenteerd dat op 1 maart 2016 in werking is getreden, inhoudende dat er in het gehele pand niet meer gerookt mag worden. Eind februari 2016 heeft de werknemer in de spoelruimte gerookt. Bij brief van 23 maart 2016 heeft de werkgever een officiële schriftelijke waarschuwing gegeven aan de werknemer voor zijn negatieve houding en opzettelijk provocerende gedrag. Tijdens het werkoverleg van 31 maart 2016 heeft de werknemer een document over het nieuwe rookbeleid voor gezien getekend. Op 4 juli 2016 heeft de werkgever een laatste officiële schriftelijke waarschuwing aan de werknemer gegeven, nadat hij de productielijn had stilgezet wegens een calamiteit, en hij buiten rustig een sigaartje was gaan roken terwijl binnen door zijn collega’s de rotzooi werd opgeruimd. De werkgever gaf aan dit gedrag onaanvaardbaar te vinden en op het punt te hebben gestaan om de arbeidsovereenkomst met de werknemer te ontbinden. De werkgever heeft de werknemer vervolgens verplicht een behandeltraject te volgen als een allerlaatste poging om verandering te brengen in zijn houding en gedrag. Ondanks deze schriftelijke waarschuwing heeft de werknemer in de nacht van 5 op 6 december 2016 tijdens zijn dienst toch stiekem een sigaar gerookt in de bollenkast (dat is een productieruimte waarin vers gemaakt deeg moet rijzen). De werkgever heeft de werknemer vervolgens op 7 december 2016 op staande voet ontslagen.

Volgens de kantonrechter was geen sprake van een dringende reden voor ontslag op staande voet, en hij veroordeelde de werkgever daarom tot betaling van het loon over de (niet in acht genomen) opzegtermijn en de transitievergoeding van ruim € 50.000,- bruto. Anders dan de kantonrechter is het gerechtshof wel van oordeel dat roken in strijd met het algemeen rookverbod een dringende reden oplevert in de zin van artikel 7:678 BW, zodat Bakker Schat de werknemer terecht op staande voet heeft ontslagen. Het gerechtshof overweegt daartoe het volgende. De werknemer wist dat binnen het gebouw een algemeen rookverbod gold; hij heeft immers het rookbeleid getekend. Aan het rookincident in de nacht van 5 op 6 december 2016 is in de loop der jaren een reeks van incidenten voorafgegaan. Daarnaast acht het gerechtshof het van belang dat de werknemer wist dat de IFS-certificering in gevaar kon komen als een werknemer aan het roken was bij een onverwachte audit/controle en dat bij verlies van deze certificering de werkgever een grote klant zou verliezen. Mede gelet op de recente officiële waarschuwingen had de werknemer naar het oordeel van het gerechtshof dan ook moeten begrijpen dat het roken in de nacht van 5 op 6 december 2016 tot vergaande consequenties zou leiden en, gelet op de voorgeschiedenis, zelfs tot ontslag op staande voet. De persoonlijke omstandigheden van de bakker (duur van het dienstverband, leeftijd) maken dat niet anders.

Nu het gerechtshof het ontslag terecht gegeven acht, heeft de werknemer geen recht op een vergoeding voor onregelmatig ontslag en een billijke vergoeding. Ook heeft de werknemer geen aanspraak op de transitievergoeding nu hij door zijn ernstig verwijtbare gedrag een dringende reden heeft gegeven voor onmiddellijke beëindiging van zijn dienstverband.

Uit deze uitspraak volgt dat een ontslag op staande voet wegens roken in strijd met het rookverbod mogelijk is. Wat het gerechtshof in deze zaak sterk meewoog, is dat de werknemer wist dat het algemeen rookverbod bestond, hij de risico’s kende van intrekking van het certificaat én hij gelet op de voorgeschiedenis van incidenten en recente officiële waarschuwingen een gewaarschuwd man was. Dit toont aan dat het hebben van een duidelijk rookverbod van belang is, maar ook dat voor een ontslag op staande voet het met name van belang is dat de werkgever de werknemer duidelijke (schriftelijke) waarschuwingen geeft, waaruit de werknemer moet begrijpen dat ontslag op staande voet volgt als het rookbeleid opnieuw wordt overtreden.

Meer weten? Neem gerust contact op met mr. Stephanie van Poucke of met mr. Matthijs Hoekstra.

< Naar overzicht